‘Ik dacht dat mijn kind gewoon verlegen was, maar nu begin ik me zorgen te maken’
‘Mijn dochter is nooit het kind geweest dat meteen op anderen afstapt. Op verjaardagen bleef ze het liefst even bij mij staan en als er visite kwam, had ze soms een halfuur nodig voordat ze iets durfde te zeggen. Ik vond dat eigenlijk niet zo bijzonder. Ze was gewoon een beetje verlegen, dacht ik altijd. Tot er laatst iets gebeurde waardoor ik me voor het eerst afvroeg of er misschien meer aan de hand is.
Het was tijdens een kinderfeestje van een klasgenootje. De andere kinderen renden enthousiast naar de tuin toen de jarige moeder vertelde dat ze spelletjes gingen doen. Mijn dochter bleef naast me staan. Ze keek naar de groep, glimlachte af en toe, maar zette geen stap.
‘Ga maar lekker meedoen’, moedigde ik haar aan.
Ze schudde haar hoofd. Ik dacht dat ze gewoon even moest wennen en besloot haar niet te pushen. Maar toen ik een tijdje later opnieuw keek, stond ze nog precies op dezelfde plek.
‘Ik durf niet te vragen of ik mee mag doen’
Na een tijdje liep ik naar haar toe. Ik vroeg of ze het niet leuk vond of dat er misschien iets was gebeurd. Ze haalde haar schouders op.
‘Ik wil wel meedoen, maar ik durf niet te vragen of ik erbij mag.’
Die opmerking raakte me meer dan ik had verwacht. Ik had altijd gedacht dat ze gewoon graag op zichzelf was. Maar nu vertelde ze eigenlijk iets heel anders: ze wilde wel contact met de andere kinderen, alleen wist ze niet hoe ze dat moest aanpakken.
Ik stelde voor om samen naar de groep te lopen. Dat wilde ze niet. Uiteindelijk bleef ze de rest van het feestje grotendeels bij mij in de buurt. Thuis vertelde ze dat ze het jammer vond dat ze niet met de anderen had gespeeld.
Dat vond ik misschien nog wel het moeilijkste. Ze had zich dus niet vermaakt omdat ze liever alleen was, maar omdat ze niet over de drempel heen durfde.
Wanneer is een kind gewoon verlegen?
Ik ben me er inmiddels meer in gaan verdiepen en begrijp dat verlegenheid bij kinderen heel normaal kan zijn. Sommige kinderen hebben nu eenmaal meer tijd nodig om aan nieuwe situaties, mensen of groepen te wennen.
Dat betekent niet automatisch dat er iets mis is. Een rustig kind hoeft niet ineens extravert te worden en ook niet ieder kind heeft behoefte aan een grote vriendengroep.
Toch begin ik me af te vragen wanneer verlegenheid overgaat in iets waar je als ouder meer aandacht aan moet besteden.
Wat me vooral opvalt, is dat mijn dochter steeds vaker situaties uit de weg gaat. Ze wil soms niet naar een speelafspraakje, durft niet zelf iets aan de juf te vragen en laat andere kinderen regelmatig bepalen wat er gebeurt. Als iemand iets tegen haar zegt, kijkt ze vaak eerst naar mij voordat ze antwoord geeft.
Ik wil haar niet veranderen, maar ik wil ook niet dat ze dingen misloopt omdat ze bang is om iets verkeerd te doen.
Ik wil haar helpen, maar niet steeds voor haar praten
Sinds het feestje probeer ik bewuster met haar om te gaan. Waar ik vroeger automatisch antwoord gaf als iemand haar iets vroeg, probeer ik nu wat langer te wachten. Ik geef haar de ruimte om zelf iets te zeggen, zonder haar voor het oog van anderen onder druk te zetten.
Ook oefenen we thuis soms met kleine situaties. Hoe vraag je of je mee mag spelen? Wat kun je zeggen als je naast iemand wilt zitten? En hoe reageer je als een ander kind niet meteen antwoord geeft?
Ik probeer vooral duidelijk te maken dat ze niet alles perfect hoeft te doen. Dat ze best een beetje stil mag zijn en dat niet iedereen haar meteen aardig hoeft te vinden.
Toch vraag ik me af of ik hiermee genoeg doe.
Wanneer moet je je zorgen maken over verlegenheid?
Volgens mij zit het verschil niet alleen in hoe stil een kind is, maar vooral in hoeveel last het kind daarvan heeft. Een kind dat rustig observeert en daarna vanzelf contact maakt, heeft misschien gewoon wat meer tijd nodig.
Maar wanneer een kind graag vriendjes wil maken, maar dat door angst niet durft, kan er meer spelen. Soms is er sprake van sociale angst of een sterke onzekerheid. Dat kun je als ouder niet zomaar zelf vaststellen.
Het is verstandig om extra aandacht te besteden aan verlegenheid wanneer een kind bijvoorbeeld:
- regelmatig speelafspraakjes of feestjes vermijdt, terwijl het die eigenlijk wel leuk vindt;
- bang is om iets te zeggen uit angst dat anderen het raar vinden;
- op school nauwelijks durft te praten of vragen te stellen;
- veel last heeft van buikpijn of spanning voor sociale situaties;
- na sociale momenten verdrietig of gefrustreerd is omdat het niet durfde mee te doen.
Als die angst het dagelijks leven belemmert, kan het helpen om dit met de leerkracht, huisarts of jeugdarts te bespreken.
Misschien is ze niet alleen maar verlegen
Ik wil mijn dochter helemaal niet het gevoel geven dat er iets mis met haar is. Misschien blijft ze altijd een rustig meisje dat liever eerst de kat uit de boom kijkt. Daar is niets verkeerd aan.
Maar ik wil wel voorkomen dat haar onzekerheid steeds meer ruimte inneemt. Dat ze straks niet durft te zeggen dat ze ergens bij wil horen, niet durft te vragen om hulp of kansen laat liggen omdat ze bang is voor de reactie van anderen.
Sinds dat kinderfeestje kijk ik daarom anders naar haar stiltes. Niet omdat ik haar wil veranderen, maar omdat ik beter wil begrijpen wat er achter die stilte zit.
En vooral omdat ik niet meer zomaar wil aannemen dat ze iets niet wil, terwijl ze het misschien eigenlijk heel graag zou willen.