‘Omdat ik zo op mijn calorieën let, wil mijn dochter steeds minder eten omdat ze anders ’te dik’ wordt’

22.03.2026 20:33
dochter dik

‘Toen mijn dochter me laatst aankeek en zei: “Ik neem maar een halve portie, anders word ik te dik,” voelde ik iets in mij verschuiven. Het was geen groot moment met tranen of drama, maar juist de vanzelfsprekendheid waarmee ze het zei, raakte me. Alsof het al een waarheid was geworden in haar hoofd. Alsof eten niet langer gewoon eten was, maar een rekensom, een risico.

En ik wist meteen waar dat vandaan kwam.

Van mij.

De afgelopen maanden ben ik bewuster bezig geweest met wat ik eet. Minder suiker, minder snacks, meer controle. Op zich niets mis mee, zou je zeggen. Ik wilde me fitter voelen, gezonder worden, beter voor mezelf zorgen. Maar ongemerkt is “bewust” bij mij veranderd in “bezig zijn met.” Calorieën tellen, etiketten lezen, keuzes afwegen. En blijkbaar heeft mijn dochter dat allemaal gezien. Niet als een volwassen nuance, maar als een simpele boodschap: eten maakt je dik, dus minder eten is beter.

Kinderen kijken niet alleen naar wat we zeggen, maar vooral naar wat we doen.

Ik heb haar nooit verteld dat ze op haar eten moest letten. Ik heb haar nooit gezegd dat ze dik zou worden. Maar ze zag mij twijfelen bij een koekje. Ze hoorde mij zeggen dat ik “dit eigenlijk niet mocht.” Ze merkte hoe ik soms trots was als ik minder had gegeten. En ergens heeft ze dat vertaald naar haar eigen wereld.

Dat besef is confronterend.

Want waar ik dacht dat ik werkte aan gezondheid, heb ik misschien onbedoeld iets anders doorgegeven: dat eten iets is om bang voor te zijn. Dat je lichaam iets is om te controleren. Dat “te dik worden” iets is wat koste wat kost voorkomen moet worden.

En dat is niet wat ik haar wil meegeven.

Mijn dochter vindt zichzelf te dik

Ik wil dat ze leert luisteren naar haar lichaam. Dat ze eet als ze honger heeft, en stopt als ze vol zit. Dat ze geniet van een taartje zonder schuldgevoel. Dat haar lichaam geen project is, maar gewoon een plek waar ze in mag leven, groeien en zichzelf zijn.

Sinds dat moment probeer ik dingen anders te doen. Ik let nog steeds op mijn gezondheid, maar ik praat er anders over. Minder over calorieën, meer over energie. Minder over “mogen” en “niet mogen,” meer over balans. En vooral: ik probeer het voor te leven.

Ik neem weer gewoon een koekje zonder uitleg. Ik zeg hardop dat eten ook gewoon lekker mag zijn. En als mijn dochter twijfelt, zeg ik niet hoeveel ze moet nemen, maar vraag ik: “Waar heb jij zin in?”

Het is geen perfecte weg. Soms hoor ik mezelf nog dingen zeggen die ik liever anders had gedaan. Soms zie ik haar nog twijfelen. Maar ik ben me er nu van bewust. En dat is misschien wel het begin.

Ouderschap zit in de kleine dingen. In zinnen die we niet belangrijk vinden, maar die blijven hangen. In gewoontes die we normaal vinden, maar die worden overgenomen. Dus… Let daar goed op. Dat is mijn advies’.