‘De naam van mijn zoon is misschien nu niet leuk, maar later als hij volwassen is wél’

28.01.2026 09:16

“De naam van mijn zoon is misschien nu niet leuk, maar later als hij volwassen is wél.” Het is een zin die ik mezelf vaak hoor zeggen. En elke keer dat ik hem uitspreek, voel ik tegelijk twijfel en vertrouwen. Twijfel, omdat ik weet hoe hard kinderen kunnen zijn. Vertrouwen, omdat ik geloof dat een naam met je meegroeit.

Mijn zoon heet Wouter.

Voor een kleine jongen klinkt Wouter of Wout al snel zwaar, oud of stoffig. Op het schoolplein hoor je liever een Finn, Luca of Sem. Hendrik lijkt daar niet echt tussen te passen. Het roept beelden op van opa’s, klassieke portretten en oude boeken. Een naam waar je als kind misschien grapjes over krijgt, of… Tja. Hij komt gewoon minder vaak voor.

Het is niet cool en kort en vlot. Dat weet ik. Maar straks als hij 30 is? Dan past die naam nog veel beter.

Als ouders kiezen we niet alleen een naam voor een baby, maar voor een mens die zal opgroeien, vallen en opstaan, leren, liefhebben, werken, leidinggeven, fouten maken en zichzelf steeds opnieuw uitvinden. Die naam moet niet alleen leuk zijn op een geboortekaartje, maar ook passen onder een handtekening, op een visitekaartje en in een professionele context.

De naam van mijn zoon past later beter

Kinderen leven in het nu. Zij horen vooral hoe een naam klinkt op het schoolplein. Wij kijken verder vooruit.

Natuurlijk wil je niet dat je kind zich ongelukkig voelt met zijn naam. Maar soms vraagt opvoeden ook om vertrouwen: vertrouwen dat hij groeit in zijn naam, dat hij hem eigen maakt, dat hij hem vult met zijn eigen persoonlijkheid. Want uiteindelijk wordt een naam niet sterk door hoe hij klinkt, maar door wie hem draagt.

En Wout is misschien nu nog wat te klein voor zijn ‘grotemensennaam’. Ik krijg er ook wel eens opmerkingen over, hoor. Van: ‘Die naam hoor je nu echt nooit meer! Jeetje wat lekker vintage!’. Dat idee.

Maar wacht maar. Zij zullen straks balen van hun overdreven hippe namen, zoals Jaxx of Wolf. En ik? Ik ben blij met iets klassieks. En mijn Wouter is mijn liefste, die groeit vanzelf meer in zijn naam’.