‘De afkorting van de naam van haar kind klinkt lachwekkend genoeg als een vreselijk ordinair scheldwoord’
‘Ik stond op het schoolplein te wachten tot de bel ging. Het was zo’n typische middag: groepjes ouders die half met elkaar praten, half op hun telefoon kijken, kinderen die overal tussendoor rennen en iemand die een bal tegen het hek schopt. Niets bijzonders.
Tot ik het hoorde.
“Loul! Kom hier! Loul!”
Ik keek automatisch op. Mijn eerste gedachte was: Pardon?
Want hoe ik het ook probeerde te horen, in mijn hoofd klonk het gewoon als… l u l. Dat nogal ordinair scheldwoord dat je normaal gesproken juist probeert te vermijden op een basisschoolplein.
Ik keek om me heen of iemand anders er ook van opkeek. Niemand leek er iets van te vinden. Sterker nog, een andere moeder riep even later ook:
“Loul! Je tas!”
Nu werd ik echt nieuwsgierig. Ja, oké, dit is een afkorting of een bijnaam… Maar toch. Ik lachte er een beetje om.
Toen zag ik het meisje waar het om ging. Een klein meisje met twee staartjes kwam vrolijk aangerend. Haar moeder zei: “Goed zo, Loula.” En ineens viel het kwartje.
Loula. Natuurlijk een prachtige naam, hoor.
Dus “Loul” was gewoon een afkorting. Lou-l. Logisch eigenlijk. Alleen… als je het snel zegt, klinkt het toch echt alsof iemand over het schoolplein staat te roepen: l u l, kom eens hier.
Ik moest mijn best doen om mijn gezicht in de plooi te houden.
De rest van de tijd hoorde ik het nog een paar keer. Elke keer moest ik weer een beetje lachen in mezelf, terwijl verder niemand er blijkbaar ook maar één seconde bij stilstond. Misschien ben ik gewoon kinderachtig, dacht ik nog.
Maar eerlijk: soms hoor je iets en kan je het daarna niet meer niet horen.
En sindsdien, elke keer als ik die moeder op het plein hoor roepen:
“Loul! Jas aan!”, denk ik heel even: Er zijn afkortingen waar je van tevoren misschien toch nog één keer extra over na moet denken.